woensdag 28 augustus 2013

Bidden om een zegen

Bidden met open handen
Aan het begin van onze vakantie, bij onze eerste maaltijd op de camping, baden we als gezin om een zegen over de vakantie. Later dacht ik daar nog eens over na. Natuurlijk is het altijd goed om God om een zegen te vragen. Maar op welk moment doe je dat?

In dit geval werd ik me er van bewust, dat ik het eigenlijk achteraf pas deed. Immers, al maanden geleden hadden we het er thuis over waar we naar toe zouden gaan. Via internet hebben we verschillende mogelijkheden bekeken. De camping waar we uiteindelijk voor kozen, was al een paar keer ter sprake geweest. We waren het snel met elkaar eens, dat dat het moest worden dit jaar. En dus hebben we geboekt, een aanbetaling gedaan en vrije dagen geregeld.

En pas maanden later, toen we eenmaal op de camping waren, vroegen we om een zegen ... We hebben eerst zelf plannen gemaakt, van alles geregeld en toen kwam God in beeld ...

Nu geloof ik zonder meer dat God niet afhankelijk is van mijn vraag om een zegen om Zijn weg met mij te kunnen gaan. Maar als ik belijd, dat ik in alles van God afhankelijk ben, Hem wil volgen en Zijn wil wil doen, is het het dan niet gepast om vooraf om een zegen te vragen in plaats van achteraf, als alle plannen al gemaakt en uitgevoerd zijn?

Nu is dit maar een voorbeeld. Maar ik werd me bewust, dat ik zelf vaak al heel veel heb gepland en geregeld en vaak pas achteraf, als alles eigenlijk al in kannen en kruiken is, om een zegen vraag. Ik leg Hem mijn plannen voor in plaats van Hem te vragen naar Zijn plannen. Probeer ik dan God toch niet stiekem min of meer afhankelijk van mij te maken, mocht ik daar al toe in staat zijn, in plaats van mijzelf afhankelijk van Hem op te stellen?

Als ik er over na denk, merk ik dat daar een drang onder zit van zelf alles in hand willen hebben. Ik regel graag zelf mijn zaakjes in plaats van het aan een ander over laten. Daar onder zit een gevoel van onzekerheid. Regel je het zelf, dan weet je wat je krijgt. Maar laat je het aan een ander over, dan moet je maar afwachten en loslaten. 

En toch vraagt God mij om juist dát te doen! Wie weet er beter wat ik nodig heb dan degene die mij gemaakt heeft? Zijn Zoon leerde mij om te bidden: "Geef ons vandaag het brood dat wij nodig hebben.” (Matteüs 6:11) En Jezus leert mij ook: "Als jullie in mij blijven en mijn woorden in jullie, kun je vragen wat je wilt en het zal gebeuren. (Johannes 15:7)

Dat betekent niet, dat ik alles krijg wat mijn hartje begeert! Want dát kan wel eens heel verkeerd uitpakken! Een voorbeeld wordt beschreven in Psalm 106: het volk Israël, dat zelf wel dacht te weten wat het nodig had: "Toen hadden zij vertrouwen in zijn woorden en bezongen ze zijn roem, maar snel vergaten zij wat hij gedaan had, ze wachtten niet geduldig zijn plannen af. Onverzadigbaar was hun eetlust in de woestijn, ze daagden God uit in het dorre land. Hij gaf hun wat zij verlangden, zo veel dat ze erin stikten. (Psalm 106:12-15) God zegt: Als jullie het dan zo goed weten, dan zullen we wel eens zien wat er van komt ... Een belangrijke les voor ons allemaal!

Wat God graag wil, is dat ik niet mijn plannen aan Hem voorleg, maar allereerst Hem vraag naar Zijn plannen met mij. Als ik God ken, dat wil zeggen een relatie met Hem heb, leer ik steeds beter Zijn stem verstaan. Dan ga ik ook leren zien welke plannen Hij voor mij heeft, al overzie ik er misschien nog niet de helft van. Dan weet ik ook wat ik Hem vragen moet, namelijk dat wat ik nodig heb om Hem te volgen en wat dient tot Zijn eer. En dan geldt ook: "Wij kunnen ons vol vertrouwen tot God wenden, in de zekerheid dat hij naar ons luistert als we hem iets vragen dat in overeenstemming is met zijn wil. En omdat we weten dat hij naar ons luistert, wat we hem ook vragen, weten we ook dat we alles al hebben gekregen wat we hem gevraagd hebben." (1 Johannes 5:14,15)
Dat is ook de lijn die we door de hele Bijbel heen zien. Zo bad ook Jabes: "Jabes nu riep de God van Israël aan met de woorden: Wil mij toch overvloedig zegenen en mijn gebied vergroten; laat uw hand met mij zijn; weer van mij het kwade, zodat mij geen smart treft! En God schonk wat hij had gevraagd." (1 Kronieken 4:10 NBG)

Als ik zó biddend mijn plannen maak, dan mag ik mij gezegend weten en kan ik met een gerust hart ook achteraf om een zegen vragen.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen