zondag 23 maart 2014

Ontvangen is sterk zijn in zwakheid

Hulp accepteren
Als het goed is staan volgers van Jezus bekend als hulpvaardige en vrijgevige mensen. Wie een christelijke opvoeding heeft genoten, krijgt het met de paplepel ingegoten. Jezus vatte immers de wet en de profeten als volg samen "Heb de Heer, uw God, lief met heel uw hart en met heel uw ziel en met heel uw verstand. Dat is het grootste en eerste gebod. Het tweede is daaraan gelijk: heb uw naaste lief als uzelf." (Matteüs 22:37-39) Hij sloot daarmee aan bij de woorden van God zelf toen Hij Zijn wet gaf aan Zijn volk: "Heb je naaste lief als jezelf. Ik ben de HEER." (Leviticus 19:18)

Dat zinnetje "Ik ben de HEER" klinkt als een refrein door de hele wetslezing heen. Toen ik het hele hoofdstuk las, vielen me een paar zaken op. Allereerst de opdracht die God aan Mozes geeft: "Zeg tegen de gemeenschap van Israël: “Wees heilig, want ik, de HEER, jullie God, ben heilig." (Leviticus 19:2) Hij spreekt het volk aan als 'gemeenschap', dus als mensen die een relatie met elkaar hebben en in relatie met elkaar leven. God zegt ook iets over de kwaliteit van dat samenleven. Het moet heilig zijn, want God zelf is heilig. Eigenlijk zegt God: Omdat ik mij aan jullie als gemeenschap verbind, verwacht ik van jullie, dat je anders met elkaar omgaat dan die volken waar ik Mij niet aan verbind. En vervolgens gaat Hij alle facetten van het leven bij langs, met aldoor dat refrein: "Ik ben de HEER". 

Niet ik maar Hij
Er wordt van de Tien Geboden wel eens gezegd, dat God ons die gaf, omdat Hij het beste met ons voor heeft. En dat is ook zeker het geval. Maar in een dergelijke formulering schuilt het gevaar, dat wij zelf in het middelpunt staan. 'Als ik nu maar doe wat er van me gevraagd word, dan komt het helemaal goed met me!' Dat is ook precies wat de Farizeeërs en Schriftgeleerden dachten! Het accent komt daarmee niet zozeer op het hier en nu te liggen, maar op de beloning die je te wachten staat. 'Als ik nu goed leef, dan ontvang ik straks het eeuwige leven.' En als vanzelf kom je in de sfeer van iets verdienen terecht.

zondag 16 maart 2014

Leef je geloof

hand om je schouder
Leer en leven ... Het kunnen twee totaal verschillende werelden zijn. Ik moet eerlijk bekennen, dat ik daar geregeld de mist mee in ben gegaan en nog steeds ga. Ik weet wat God vraagt, maar het ook dóen, dat is toch wel even wat anders. Het evangelie verkondigen is één ding, maar het evangelie doen ... Dat is toch wel even andere koek. En juist op dat punt heeft God mij in de afgelopen jaren in de spiegel laten kijken! En God heeft ook echt verandering in mijn leven gebracht. 

Leer en leven ... Ik heb er heel lang mee geworsteld. "Wat ik verlang te doen, het goede, laat ik na; wat ik wil vermijden, het kwade, dat doe ik." (Romeinen 7:19) Dit was voor mij een zeer herkenbare tekst! Maar God heeft mij laten zien, dat Hij hier geen genoegen me neemt! Integendeel! Het is juist de toestand waar Hij mij uit wil halen!

Leer en leven ... Ik werd er altijd heel onrustig van. Want doen, betekent niet alleen bekering, andere keuzes maken en leven uit genade en dankbaarheid. Het betekent: Jezus volgen. Leven zoals Jezus deed; in alles! En dat betekent dus ook: op mensen af stappen, er echt voor hen zijn. Contact maken dus en daarbij helemaal gericht zijn op de ander. Relatie dus! En juist dat contact maken vond ik heel erg lastig. Ik durfde niet zomaar bij iemand aan te bellen of op iemand af te stappen. Wat moet ik zeggen, misschien zitten ze helemaal niet op mij te wachten, wat als ... Allemaal gedachten die mij belemmerden! Maar God had andere plannen!

zondag 9 maart 2014

God antwoordt als ik roep

God antwoord als ik roep
Heb je dat ook wel eens? Dat je een bijbeltekst leest die je ineens erg raakt of die maar in je hoofd blijft hangen? Ik vind lezen in de Bijbel altijd geweldig boeiend en inspirerend. Maar soms springt er ineens een tekst uit. Ik heb langzamerhand geleerd dat in dat geval God me iets duidelijk wil maken. 

Terwijl ik dit zo opschrijf moet ik aan Samuel denken. Tweemaal roept God hem terwijl hij als jongen ligt te slapen in de tempel. En dan staat er: "Samuel had de HEER nog niet leren kennen, want de HEER had zich niet eerder aan hem bekendgemaakt door het woord tot hem te richten." (1 Samuel 3:7) Heel bijzonder eigenlijk! Samuel is haast dag en nacht in de tempel als hulp voor de Hogepriester Eli. Zijn ouders waren mensen die trouw de HEER dienden. Zeker zijn moeder was een diepgelovige vrouw. Ongetwijfeld zal zij Samuel verteld hebben hoe zij God gesmeekt heeft om een kind en daarbij beloofde dit kind ook weer aan Hem terug te geven. Het kan haast niet anders dan dat Samuel haar Godsvertrouwen en haar liefde voor de HEER geproefd heeft. Ik lees over hem: "De kleine Samuel diende de HEER, en droeg daarbij een linnen priesterhemd." (1 Samuel 2:18) En even verder: "De HEER zag inderdaad naar Hanna om: ze werd opnieuw zwanger en baarde nog vijf kinderen, drie zonen en twee dochters, terwijl de jonge Samuel dicht bij de HEER opgroeide." (1 Samuel 2:21) 

Leren luisteren
En toch staat er dan in 1 Samuel 3:7 dat hij de HEER nog niet had leren kennen. Hoe is het mogelijk! Diepgelovige ouders, opgroeien in de tempel tussen de priesters en toch de HEER niet kennen? De verklaring staat er bij: "want de HEER had zich niet eerder aan hem bekendgemaakt door het woord tot hem te richten." Samuel kent God wel van de verhalen, maar had nog geen relatie met God. Hij had geen persoonlijke ontmoeting met God gehad. Wanneer God voor de derde keer roept en Samuel voor de derde keer naar Eli loopt, dan valt bij de oude Eli het kwartje! Het is de HEER die roept! Misschien ook niet verwonderlijk, dat Eli hier niet meteen aan denkt. "Er klonken in die tijd zelden woorden van de HEER en er braken geen visioenen door." (1 Samuel 3:1) Eli was het misschien dus wat ontwend, waardoor het niet het eerste is waar hij aan denkt.